Spelregels Jeugd

Spelregels voor Jeugd-1 en Jeugd-2

Jeugd-1 en Jeugd-2 spelen de wedstrijden op een veld dat is aangepast aan de mogelijkheden van hun leeftijd en met speciale spelregels volgens de circulatievolleybal.

* Bij Jeugd-1 is de afmeting van een speelhelft 6 meter breed en 6 meter diep.
Voor Jeugd-2 zijn de afmetingen 6 meter bij 6 meter.

* Het net is lager dan bij grote mensen en hangt op een hoogte van 2 meter.

* Verder wordt er gespeeld met een kleinere en lichtere bal.

* De opstelling bestaat uit 4 spelers of speelsters of een combinatie hiervan.

* Tijdens het Open Volleybaltoernooi zijn time-outs niet toegestaan.

Spelregels Jeugd-1 (niveau 4)

  1. De spelers proberen de bal over het net bij de tegenstander in het veld op de grond te spelen. Het drie keer samenspelen is verplicht en de beginselen van de set-up worden aangeleerd.
  2. Na het fluitsignaal van de scheidsrechter/spelleider moeten de spelers de bal verplicht onderhands serveren, waarbij de bal het net mag raken. De eerste en de derde bal mag niet gevangen worden, maar moet onderarms of bovenhandse gespeeld worden.
  3. Het is toegestaan om te smashen en de bal te pushen. Blokkeren is niet toegestaan.
  4. De tweede bal moet met de onderarmse of de bovenhandse volleybaltechniek gespeeld worden met een verplichte vloeiende en niet-onderbroken vanggooi- of vangstootbeweging.
  5. Tijdens de vanggooi- of vangstootbeweging mag de speler de bal maximaal twee seconden vasthouden, niet omdraaien en niet lopen met de bal.
  6. Na drie opslagbeurten achter elkaar door dezelfde speler, moet de ploeg die de opslag heeft, een plaats doordraaien. Daarna slaat de volgende speler op.
  7. Het indraaien door een wisselspeler geschiedt altijd op de opslagplaats. Er wordt niet meer doorgedraaid door het team dat de bal over het net speelde.
  8. Er wordt gefloten voor lijn-, voet- en netfouten.
  9. Als een team uit meer dan vier spelers bestaat, moet er verplicht ingedraaid worden (op de opslagplaats). Er wordt dus niet meer doorgedraaid door het team dat de bal over het net speelde.
  10. Elke fout levert een punt op voor de tegenstander (rallypoint).
  11. Er mogen tijdens het toernooi nooit meer dan twee competitiespelende volleyballers tegelijk in het veld staan.

Spelregels Jeugd-2 (niveau 6)

  1. Er mag geen enkele bal gevangen worden. De spelers spelen door met kort balcontact.
  2. Het team mag de bal maximaal 3 keer spelen. Daarna moet de bal over het net.
  3. De wisselspelers moeten verplicht indraaien op de serviceplaats.
  4. De opslag wordt altijd gedaan door de (rechts) achterspeler. Deze moet de bal verplicht onderhands vanachter de gehele achterlijn serveren.
  5. Wanneer in een opslagbeurt 3 punten zijn gescoord, wordt doorgedraaid en gaat de volgende speler serveren. De ploeg blijft dus wel aan opslag.
  6. Elke fout levert een punt op voor de tegenstander.